Sterrenkijkers

“Van TikTok tot datingapps: steeds meer jongvolwassenen zoeken bij hun levenskeuzes houvast in de stand van de hemellichamen.” Zo luidt de eerste zin van een recent artikel in de krant De Morgen over de toenemende populariteit van astrologie, naar verluidt vooral bij jonge vrouwen. “Voor mij is astrologie een manier om mezelf en anderen beter te leren kennen en te kunnen groeien als persoon,” aldus een zekere Manon, een 34-jarige marketingmanager. De sector is in Amerika inmiddels goed voor een omzet van 2,3 miljard dollar, lees ik.

Sterrenkijkers

Detail van de zogenaamde Farnese Atlas, een beeld dat je in Napels kunt zien. Met de tekens van de dierenriem op de hemelsfeer die Atlas torst. Foto: Sailko, 2013. Napels, MANN.

Moet ik het aan de lezers en luisteraars van deze podcast nog zeggen? Astrologie was ook in de Grieks-Romeinse oudheid ontzettend populair, zoals veel andere vormen van toekomstvoorspelling en waarzeggerij: de twaalf sterrenbeelden die de tekens van de dierenriem vormden, het uitgangspunt dat je geboortedatum en -tijd je zogenaamde horoscoop bepaalden en dat planeten invloed hebben op je levensloop… Het was allemaal welbekend. Je stond op het punt een belangrijke beslissing in je leven te nemen? Hop, je repte je linea recta naar de dichtstbijzijnde astroloog. Augustus himself liet ooit een zilvermunt slaan met daarop de Steenbok, zijn sterrenbeeld.

Terug naar De Morgen: “Veel wetenschappers en critici gruwen van de trend,” stelt het artikel. En zij verbinden die trend met onze onzekere en complexe tijden. Nu, ik ken ook zo’n criticus. Hij leefde in de 2de eeuw na Christus: Favorinus, heette de man, en hij fulmineerde tegen de zogenaamde Chaldeeën, bij Romeinse auteurs de groepsnaam van astrologen die zogezegd de sterren konden lezen en zo de toekomst konden voorspellen. Naar hun eigen zeggen toch.

Illustratie: De functie van een dodecaëder als deze blijft raadselachtig. Maar op een gelijkaardig exemplaar dat in Genève wordt bewaard, zijn de twaalf tekens van de dierenriem afgebeeld. Wellicht diende dát exemplaar om de toekomst te voorspellen.
Tongeren, Gallo-Romeins Museum

Bedriegers en charlatans, noemt Favorinus de Chaldeeën, mensen die volgens hem met leugens en bedrog hun brood verdienden. Ik vind zijn argumentatie om van te snoepen. Neem nu de wetenschappelijke vaststelling dat de maan de getijden mee beïnvloedt. Allemaal goed en wel, zegt mijn Favorinus, maar dat wil toch nog niet zeggen dat álle aardse aangelegenheden door de sterren worden bepaald? Ik citeer hem even: “Het is toch volkomen dwaas en absurd om te denken dat ook een rechtszaak over een waterleiding of over een gemeenschappelijke muur met de buurman vanuit de hemel wordt aangestuurd.” Erg geestig vind ik dat.

Favorinus vraagt zich ook af waarom mensen die precies op hetzelfde moment zijn geboren, zoals tweelingen, niet hetzelfde levenslot is beschoren? En omgekeerd: waarom mensen met heel verschillende geboortehoroscopen soms hetzelfde lot moeten ondergaan, bijvoorbeeld wanneer ze samen door een schipbreuk om het leven komen? Maar het meest smul ik van Favorinus als hij zijn redenering doortrekt tot in het absurde, zoals met de rechtszaak over een waterleiding. Dat doet hij op een heel andere manier in het volgende fragment: “Als het tijdstip, de wijze en de oorzaak van het leven en de dood van mensen, en alle menselijke aangelegenheden, in de hemel en bij de sterren vastliggen, wat moeten we dan zeggen over vliegen, wormen, zee-egels en talloze andere piepkleine dieren op het land en in de zee? Worden ook zij volgens dezelfde wetten als de mensen geboren, en sterven zij volgens diezelfde wetten? Dan zouden dus ook kikkers en muggen bij hun geboorte een lot toegewezen krijgen door de bewegingen van de sterren?”

Ik besluit deze aflevering van mijn vijfminutenpodcast met nog een heerlijk slotargument van Favorinus: waarom zou je überhaupt een astroloog raadplegen? Voorspellen ze bij vergissing iets slechts, dan ben je nodeloos ongelukkig. Hebben ze het toevallig bij het rechte eind? Dan ben je al bij voorbaat en dus veel te lang ongelukkig. Voorspellen ze daarentegen iets goeds dat niet uitkomt, dan ben je uiteraard zwaar ontgoocheld. Voorspellen ze iets goeds dat per ongeluk wél uitkomt, dan heb je je geluksmoment al bij voorbaat en op voorhand opgebruikt. En ben je het slachtoffer van een nieuw bijgeloof. Ook niet fijn.

Ik beken: ik heb nog nooit een astroloog geraadpleegd en de horoscopen in de boekskes lees ik met een grijns van ongeloof. Ik heb voortaan een nieuwe medestander in mijn ongeloof. Zijn naam: Favorinus.

Bron: Aulus Gellius, Noctes Atticae (Attische nachten), boek 14, hoofdstuk 1.

Je hebt een idee dat in deze reeks blogs past? Mail het naar Patrick De Rynck.

Meer over de oudheid in jouw leven? Check www.hic-nunc.be

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *