EEN KUS VAN DE MAAN
Wij, mensen, zijn maar pluisjes in een gigantisch heelal dat zo veraf lijkt. En dat volgens wetenschappers onverschillig is tegenover ons. Onherbergzaam ook. Tegelijk stellen we ons van oudsher voor dat we nauw contact hebben met de kosmos. Dat we die naar onze hand kunnen zetten.
Een logo van Danone. De blog verklaart waarom we dat hier laten zien.
Je luistert liever naar de blog? Dat kan hier.
Als Artemis het wil, vliegen we straks weer naar de maan. En zetten we weer voet op die maan. De Artemis uit mijn vorige zin is niet de Oudgriekse godin, maar de naam van de NASA-raket die nu even moeilijk doet en maar niet wil opstijgen.
Met het zogeheten uitspansel, zeg maar: de ruimte, de kosmos, hebben velen van ons, petieterige mensen, een paradoxale relatie. Planeten, sterren, melkwegen: ze lijken zo ver weg, en dat zijn ze ook, met de maan als meest nabije buur. De afstanden zijn voor ons verstand onmeetbaar, onvatbaar. De kosmos, dat is een verre nevel of dat zijn flauw fonkelende sterren in de nacht. Alsof een massa op kilometers afstand het licht van honderden gsm’s in onze richting laat schijnen. Alsof de hemel een reusachtige concertzaal is. In een mooi Oudgrieks epigram dat op naam van Plato staat, wordt dat liefdevol omgedraaid: ‘Ster van me, / je kijkt naar de sterren. / Ik wil het firmament zijn en / kijken naar jou / uit duizenden ogen.’
Het heelal is ver, en te groot om het ons te kunnen voorstellen. Tegelijk doen we van de weeromstuit al sinds de oudheid alsof de kosmos zich binnen handbereik bevindt. Of bijvoorbeeld, in het geval van de Romeinse dichter Horatius, binnen hoofdbereik. In een gedicht meldt Horatius trots aan Maecenas, de mecenas die hem steunde: ‘Als u mij tot de ware dichters wilt rekenen, dan zal ik met mijn hoge hoofd de sterren raken.’ En misschien kent u de Oudgriekse mythe van Endymion. Daar bestaan verschillende versies van. Een daarvan zegt dat de maan, Selene, verliefd op hem was en dat zij Endymion deed inslapen om hem zo te kunnen bezoeken en hem te zoenen wanneer zij dat wou. In dat geval was de maan binnen kusbereik, om het zo te zeggen. In de antieke mythische verbeelding lijkt het alsof Selene een van ons is: ze ment ‘gewoon’ twee of vier paarden, al doet ze dat dan wel al vliegend door het uitspansel: ‘Door haar gouden kroon schittert de onverlichte lucht,’ luidt het mooi in een hymne voor Selene.
Van oudsher probeerden mensen de kosmos ook te vatten door in groepjes sterren herkenbare en vertrouwde dingen te zien: een grote of een kleine beer, een mythische reus als Orion, zeven zussen, een leeuw enzovoort. Wij gebruiken nog altijd deze antieke gedachtespinsels als we het over sterrenbeelden hebben. We zetten dat verre heelal op die manier graag naar onze hand. We doen het passen in wat wij weten en kennen.
Een kleine tweeduizend jaar geleden al beweerde de Griekse schrijver Loukianos dat hij op de maan was geweest en daar had kennisgemaakt met de lokale bewoners. Hij deed dat in een boekje met de titel Ware verhalen. Alleen: die titel is zware ironie, want niet één verhaal in Ware verhalen is waar. Ook niet dat de auteur op de maan is geweest, uiteraard. Loukianos spot er met antieke auteurs van reisverhalen die er maar op los fantaseerden.
Benieuwd wat over een paar jaar de astronauten van Artemis te vertellen zullen hebben bij hun terugkeer van de maan. Eén ding zal alvast waar zijn: dat zij Selene wel degelijk zullen hebben aangeraakt.
Trigger voor deze blog: het logo van Danone. Een fragment uit de ‘Ware verhalen’ van Loukianos vind je hier.
Je hebt een idee dat in deze reeks blogs past? Mail het naar Patrick De Rynck.
Meer over de oudheid in jouw leven? Check www.hic-nunc.be



Misschien kon ook even verwezen worden naar de mislukte maanvluchten. Daar hadden de Grieken dan toch een punt met angst voor de hybris. Door onze hoogmoed komen we steeds verder af te staan van de natuur. Maar ja, Plato vond ook weinig inspiratie in de natuur want alleen van mensen in steden kon je iets leren. Spijtig dat hij nu niet even kan komen kijken om vast te stellen tot wat hybris en natuurontkenning geleid hebben.