LACHEND DE ZOMER IN
Dit is alweer m’n laatste blog voor de zomer. De ideale gelegenheid voor een luchtig onderwerp. Luchtiger dan humor kan ik het niet bedenken…
Je luistert liever naar de blog? Dat kan hier.
Bij elke voordracht die ik geef verbaas ik mij over de reacties op een running gag van mij, en dat Engelse begrip mag u hier letterlijk nemen. Vaak vertel ik aan het begin of het eind van m’n exposé zes moppen. Slechte moppen, vind ikzelf. En eigenlijk moet ik zeggen: ik vertel drie keer twee moppen. De duo’s lijken op elkaar, maar één mop uit elk duo trof ik aan in een hedendaags moppenboek of op een scheurkalender, de tweede komt uit het enige moppenboek uit de oudheid dat bewaard bleef. Ik daag mijn publiek dan uit om te raden welke mop van de twee 2000 jaar oud is. Dat is ook de enige reden waarom ik die moppen vertel.
Speciaal voor de lezers van deze blog geef ik hier één moppenpaar prijs. Een van de volgende twee moppen is dus 2000 jaar oud. Welke? Hier gaan we. ‘Een man van veertig krijgt zijn eerste kind, een zoon. Hij is in de wolken. “Je zult zien dat het kind net zo intelligent wordt als ik,” zegt hij tegen zijn vrouw. “Hij heeft het verstand van mij.” “Ja,” antwoordt zij, “dat van mij heb ik tenminste nog.” Mop nummer twee gaat zo: ‘Een man werd vader van een zoon. Toen de mensen hem vroegen welke naam het kind zou krijgen, antwoordde hij: “Hij krijgt de mijne. Ik doe het zolang wel zonder.”’ Mop 1 komt uit een moppenboek, mop 2 uit het Oudgriekse moppenboek. En waar ik mij bij zo’n voordracht elke keer weer over verbaas: de moppen doen het nog! Steevast wordt er gelachen. Ik vind dat grappig.
Wat mij bij het vertalen van dat Oudgriekse moppenboek uit de Romeinse keizertijd het meest verraste, was hoe tactieken en procedés die nu nog worden gebruikt, toen al gangbaar waren. Het brengt niemand minder dan Mary Beard tot de stelling dat de Romeinen de uitvinders zijn van de moderne mop. Zo worden er in antieke moppen beroepsgroepen te kijk gezet, zoals dokters en leraren, en zijn vrouwen vaak de kop van Jut. Denk aan onze vermeende ‘domme blondjes’. Gedrag dat afwijkt van de norm, zeker als het over seksualiteit gaat, wordt genadeloos aan de kaak gesteld. En ook in antieke grappen mag er best wat worden overdreven. Ook absurde verbanden deden het toen ook al. Het is eigenlijk doodzonde dat er maar één moppenboek bewaard bleef van de levendige moppencultuur die er in de oudheid was. Hadden we meer van die boeken, ze gaven ons ongetwijfeld een levendige inkijk in het antieke leven van alledag. Er was in Athene zelfs een moppentappersclub.
Ik kan niet anders dan dit seizoen eindigen met enkele voorbeelden. Moppen met een antieke baard dus, vertaald door uw dienaar. Zet u schrap. ‘Een man komt bij zijn sukkel van een dokter. Zegt-ie: “Dokter, als ik opsta, ben ik altijd eerst een halfuur van de kaart. Daarna gaat het beter.” Waarop de arts: “Slaap dan een halfuur langer.”’ Mop nummer twee: ‘Een vrek schreef zijn testament. Als erfgenaam benoemde hij… zichzelf.’ Mop nummer drie is er een voor archeologen: ‘Een man uit Abdera wilde een pot zonder oren verkopen. Toen iemand hem vroeg waarom hij de oren eraf gebroken had, zei hij: “Hij wordt verkocht. Als hij dat hoort, zou hij wel eens op de loop kunnen gaan.’ Een allerlaatste mop, om het af te leren: ‘Een man uit Kyme was het aan het zwemmen toen het begon te regenen. Om niet nat te worden dook hij naar de bodem.’
Zo. De bodem is bereikt. Ik wens u een prettige zomer!
Trigger voor deze blog: een voordracht voor een vereniging van senioren die hartelijk lachten om de oude en minder oude belegen moppen. Het vertaalde moppenboek heet ‘De grapjas. Een moppenboek uit de oudheid’.
Je hebt een idee dat in deze reeks blogs past? Mail het naar Patrick De Rynck.
Meer over de oudheid in jouw leven? Check www.hic-nunc.be



Dank voor de ludieke afsluiter!
Wij gaan Uw mooie verhalen missen ,en kijken uit naar waarmee U ons in het najaar weer zal verrassen.
Intussen herlezen wij…en genieten .
Dank , en alvast veel inspiratie !
Mieke
Bedankt!
Leuk en interessant!